Als vriendschap het verschil maakt

Het begrip vriendschap houdt me al jaren in de greep. Ik word soms geteisterd door hardnekkige worstelingen als het om mijn vriendinnen gaat. Met een perfectionist als ik is het snel feest op dit gebied.

Afspraken, etentjes, mailtjes, appjes, kaartjes of een keer een kopje leut. Het helpt bij mij een paar dagen, maar dan ben ik terug bij een onuitwisbaar onrustig gevoel. Een gevoel dat ik ergens iemand tekortdoe, of dat de vriendschap niet helemaal verloopt, zoals ik hem ergens voor mezelf gedefinieerd heb. Vriendschap betekent voor mij dan ook zoveel meer, dan een oppervlakkige praatje.

Vriendschap heeft iets magisch en nooit hetzelfde. Dat vind ik bijzonder, maar ook lastig. Waar je voor de ene vriendschap lef moet tonen, is de ander al tevreden met een wekelijks kopje koffie. Zo heb ik vriendinnen op kilometers afstand wonen en dan bedoel ik ook K-I-L-O-M-E-T-E-R-S, maar is de spirituele verbondenheid zo groot, dat het lijkt alsof we elkaar dagelijks uren zien. En soms zie ik vriendinnen weken niet, maar zorgt de huidige technologie ervoor dat het communicatieve vermogen op peil blijft. Het gebeurt dan ook regelmatig dat ik me verward afvraag of ik nog wel goed bezig ben.

Door de jaren heen heb ik heel wat soorten vriendinnen op mijn levenspad mogen ontmoeten. Vriendinnen, die al vanaf de basisschool ergens een plekje in mijn hart hebben veroverd, vriendinnen met gemeenschappelijk empathische vermogen, vriendinnen waarmee ik even stoom afblaas in de sauna, vriendinnen waarmee ik de wereld afreis, vriendinnen waarmee ik de ander op een poëtische manier te woord sta en vriendinnen die net als ik de uitdaging van het leven, al dan niet zingend, aangaan. Een mooie mix dus van een bijzonder gezelschap, al zeg ik het zelf.

De wensenlijst om vriendschap perfect te maken heb ik laten varen. Het voordeel van ouderdom is dat eisen minder hoog gesteld hoeven te worden. Ik profiteer tegenwoordig eerder van mijn bonte gezelschap aan vriendinnen, dan dat ik me erdoor laat belemmeren. De schoonheid van deze variatie, maakt mij als mens ook mooier. Ik heb geleerd mijn leven spectaculair te maken, juist door deze verschillen. Ze sluiten feilloos aan bij de behoefte, die ik als persoon heb op dat moment, waardoor we elkaar prachtig aanvullen. Zo streef ik ernaar dat ik- op een voor mij zo eerlijk mogelijke manier- respect heb voor de variëteit aan inhoud en karakter van een vriendschap. En lukt dat altijd? Nee hoor, ik ben ook maar een mens, met een heel leger aan gevoelens.

Ik vind het dan ook niet altijd meevallen om de balans te vinden binnen het onderhouden van vriendschappen. Gelukkig heeft de huidige maatschappij daar een zeer effectieve oplossing voor gevonden: de sociale media. Even een korte blik werpen in het geposeerde leven, is al vaak voldoende om weer op de hoogte zijn. En wil ik niet weg uit huis stuur ik een appje of gebruik ik Messenger  voor een wat langer bericht. De enige die bij mij werkeloos op de kast staat te koekeloeren, is de telefoon. Die pak ik alleen om mijn voorkeur voor liefdevolle confrontatie in mijn agenda te kunnen noteren.

Dus na jaren worstelen, kies ik tegenwoordig een podium waar ik kan stralen met welke vriendin dan ook. En dat dit steeds een ander podium is, maakt het juist zo uitdagend.  Zakt een vriendschap om wat voor reden dan ook in, ben ik de beroerdste niet om het vuurtje aan te wakkeren. Dan zet ik iemand zonder pardon voor een creatief blok*. Wat dat betreft ben ik niet zo’n lieverdje en kan ik best veeleisend en dwingend zijn. Maar hee, als vriendin is het mijn taak de muziek in het leven levendig te houden en dat is dan ook precies wat ik zal blijven doen.

*Mijn K-4 vriendinnen hebben ervaring met het feit dat ik vuurtjes wil blijven aanwakkeren en mijn verjaardag is de perfecte manier om de aanwezige vriendinnen voor het creatieve blok te plaatsen. 

Omgebogen symboliek

Veel vergeet ik tegenwoordig. Een kleine erfenis van de bestraling bovenop een burn-outverleden. Data daarentegen zitten gegriefd in mijn geheugen. Bij data horen gebeurtenissen.

Het is nu alweer 4 jaar geleden dat 13 maart een datum werd met een gebeurtenis. Een eerder gemaakte röntgenfoto van de long van Paul was reden om ons leven, juist op die dag, overhoop te gooien. Sindsdien is 13 maart voor mij een datum om nooit te vergeten.

Morgen is het wederom 13 maart. Vier jaar na die allesbepalende diagnose. De afgelopen drie jaar was de aanloop naar deze dag al genoeg reden om me ellendig, onrustig en verdrietig te voelen, ondanks de positieve ontwikkelingen die we hadden meegemaakt. De grilligheid van de gebeurtenis op 13 maart 2015 drukte een stempel, waar ik last van bleef houden.

De uitslag was duidelijk en er restte de arts niets anders dan “sterkte” mee te geven, Het viel dan ook echt niet mee wat we voor de kiezen kregen.

Nee, het viel inderdaad niet mee. Echter Paul en ik zijn sterke mensen geworden, die de glinstering van het leven – waar mogelijk – in volle glorie aanschouwen. Het is voor ons beiden dan ook van belang om positief in het leven te kunnen staan en grillige karakters om te buigen naar liefdevolle symboliek.

Vandaag bogen we het grillige karakter van 13 maart 2015 om naar 13 maart 2019, een dag van verbondenheid, gegoten in een noot van liefdevolle inkt. Een prachtige tatoeage siert op mijn enkel en bij Paul op de arm. Een ontwerp, gemaakt door een waardevolle vriendin, in opdracht van ons. Zij heeft onze initialen verweven, waarbij drie kleine puntjes symbool staan voor eeuwige verbondenheid, terugkomend in onze drie kinderen.

Er is vanaf morgen weer ruimte voor de glinstering van het leven, waardoor we opgetogen het zwart van deze dag achter ons laten en de datum een zwier te kunnen geven van roodgekleurde liefde.

“Datum van onmacht
ombogen in symboliek
gedragen. Initialen verweven
in onderhuids weefsel
waar liefde samenvloeit
In tonen van inkt”

 

 

Vraag en antwoord: een spel van ontwikkeling

(Elke tweede maandag van de maand blog ik voor Adelante over de ontwikkelingen binnen mijn gezin. Mijn jongste twee kinderen volgen nog onderwijs op Adelante. Oudste heeft ondertussen de overstap gemaakt naar MBO.) 

De vraag wat mijn kinderen aan zorg nodig hebben, is niet altijd zomaar te beantwoorden. Meestal denk ik daar niet over na, maar probeer af te gaan op mijn eigen intuïtie en in te spelen op datgene, wat er op hun pad komt.

De zorg voor mijn kinderen vergelijk ik wel eens met een pianospel. Maten met vrolijke muzieknoten, afgewisseld door tekens van rust, waarna er een opzwepende crescendo* volgt. Zorg betekent aandacht, intensiteit en fasen van ontwikkeling. Soms volgen deze elkaar keurig op, soms ook niet. Dan heb ik dikke pech en vliegen de vragen me om de oren. Als instanties dan ook nog moeilijk gaan doen en gaan reorganiseren zijn de rapen helemaal gaar. De paarse krokodil kan uit de kast worden gehaald, net als een leger aan pennen. Bureaucratisch papierwerk gaat zuchtend door mijn handen. Zorg is een repeterende wetgeving, waar mijn spaarzame eigen tijd behoorlijk door in de verdrukking komt.

Wat hebben mijn kinderen aan zorg nodig? Een vraag die ik alleen maar goed kan invullen als ook ik de mogelijkheid krijg mijn uurtjes voor mezelf in te plannen. Niet alleen omdat ik als mens waardevol en bijzonder ben, maar vooral om genoeg energie te hebben voor mijn kinderen. Want ja, ook al denkt de besturende macht dat kinderen met een beperking, weinig tot geen vragen hebben, ik weet uit ervaring beter. Dus dan sta ik met woordenboek en Wikipedia paraat om zoveel mogelijk antwoorden te kunnen geven.

Binnen de Nederlandse wetgeving, sta ik nogal eens met de mond vol tanden. Zodra onze oudste 18 werd, werd ze overvallen met een hoop eigen papierwerk. Door ons mentorschap, geregeld bij de rechtbank, staat ze er gelukkig niet alleen voor en blijven we de zorg delen. Toch is zorg voor onze jongvolwassen kinderen een bureaucratisch doolhof.

Ook voor veel instanties, merken we in de praktijk. Twee maanden na de 18e verjaardag van oudste, valt wel keurig haar stempas in de bus, maar is er nog geen zekerheid over een – voor haar broodnodige – verlengde jeugdwet. Veel onzekerheden, veel vragen en tot nu toe weinig antwoorden en het trieste is dat ik ze helaas niet op Wikipedia kan terugvinden. Daarmee bevinden we ons in een transparant gebied, zonder enig zicht op duidelijkheid. Met alle gevolgen van dien. Spelen we nu onze muzieknoten in alle rust.., zal het crescendo van toenemende zorg ons binnen onzichtbare tijd de adem ontnemen.

Godzijdank heeft Adelante genoeg professionele krachten, die ouders kunnen helpen in de zoektocht. Ze nemen bepaalde taken over, waardoor ik de tijd heb om me te richten op andere zorg. Zorg op het gebied van wonen, reizen, studeren en sociale competenties. Lastige gebieden voor jongvolwassenen met een beperking. Eerlijk is eerlijk: persoonlijke, maatschappelijke en onderwijskundige ontwikkelingen kennen net even wat meer drempels, dan dat u of ik gewend ben. Door wachtlijsten valt de mogelijkheid om spontaan op kamers te gaan, weg. Begeleid wonen kan niet overal en moet passen binnen de zorg van het kind. Of er een rijbewijs behaald kan worden, is nog maar de vraag en reizen met een ov-kaart moet ingepland worden in beider agenda’s, aangezien het oefenen een voorwaarde is om te automatiseren. Als je als passend-onderwijs-leerling dan ook nog de behoefte hebt om verder te leren op het reguliere niveau 2 van het MBO, rinkelen alle alarmbellen.

En toch is er hoop. Voor mij als moeder, maar ook voor onze kinderen. Examens worden ingepland, stages gelopen en steeds meer begeleiders trekken zich het lot aan van kinderen, die net wat meer en andere vragen hebben. Vragen, die binnen een ander perspectief beantwoord dienen te worden. Vragen, die meer tijd kosten, dan we veelal gewend zijn. Vragen die onmogelijkheden ombuigen naar mogelijkheden, als we het maar willen.
Zolang wij als ouders blijven geloven in de antwoorden, die we onze kinderen kunnen geven, zullen er vragen blijven komen. Vragen, waar ik mijn eigen tijd graag voor inperk. Vragen waardoor ik als moeder, onze oudste het vertrouwen kan meegeven, dat een vak als kok op niveau 2 van het MBO een haalbare kaart is, Vragen, waardoor ik de middelste op een overtuigende manier door de examentijd van het VMBO kan loodsen en vragen van jongste om zijn praktische slimheden in de volle overtuiging te omarmen.

Hoe waardevol en essentieel is het dan om onze kinderen te blijven begeleiden naar hun eigen muzikale slotstuk. Ik ben ervan overtuigd dat het publiek ons zal trakteren op een staande ovatie.

*Crescendo=is een Italiaanse muziekterm (afgeleid van het Italiaanse crescere voor groeien) voor dynamieknotatie die aangeeft dat in een gegeven passage geleidelijk de toon moet versterkt worden.

 

De dirigent in mij

Ken je dat? Dat je door omstandigheden geen leiding meer kan geven aan je leven? Dat overkwam mij, nu zo’n 4 jaar geleden, toen mijn man de diagnose uitgezaaide longkanker kreeg. Ik was alle grip op mijn leven kwijt.

Gelukkig is de dirigent in mij weer ontwaakt. Een overzichtelijk partituur (muziekboek) geeft invulling aan het muziekstuk dat op dit moment mijn leven weerspiegelt. Een leven, waarin ziekte, zorg, uitdaging, vriendschap en bewustzijn een intrigerende rol spelen.

Het muziekstuk dat ik leid, is allesbehalve saai. De partituur kanker laat zijn muzieknoten piano spelen en bezit daarnaast een dosis aan tekens van rust. De partituur zorg gaat van piano naar fortissimo met een overduidelijk crescendo of decrescendo. Geen structuur of ritme in herhaling, maar een spannend en afwisselend spel van dansende noten op het papieren notenblad. Dan de partituur uitdaging. Op dit moment mijn favoriet. Een partituur die ik graag in forte uitgevoerd wil zien, met fermate en zeer zeker hier en daar een komma: er moet dan ook geademd worden. Doe ik dat niet, zal het muziekstuk veranderen in een overspannen en stressvol geheel. De partituur vriendschap staat bekend om zijn mezzopiano en het accentteken. Bepaalde tonen, die voor verschillende vormen van vriendschap staan, krijgen een accent. Hierdoor weten de andere partituren dat ze pianissimo moeten aanhouden. Even wat meer op de achtergrond, maar wel nog steeds aanwezig. Bewustwording is tenslotte de partituur, die geleidelijk aan met de andere partituren meebeweegt en als sluitstuk in fortissimo het applaus van het publiek mag ontvangen.

overzicht van termen uit de muziekwereld

De verschillende termen, die ik in deze blog gebruik, komen uit de muziekwereld waar ik mee opgegroeid ben. Tijdens de vele lessen blokfluit, het zingen in het schoolkoor en de lessen op de Pabo kwamen de termen pianissimo (zeer zacht), piano (zacht), mezzopiano (matig zacht), mezzoforte (matig sterk), forte (sterk) en fortissimo (zeer sterk) aan de orde. Voor mij is het gebruik dus heel normaal.

Daarnaast beschrijf ik mijn blogs graag in metaforen. Het is een uitdaging om mezelf, maar jullie als lezer ook uit te dagen. Oppervlakkigheid is niet aan mij besteed, sorry. Zo haal ik de beelden uit ervaringen, die ik opdoe. Het zijn richtpunten, die op mijn levenspad verschijnen, al dan niet bewust aanwezig. Ik stop ze veelal in mijn rugzak en denk er verder niet meer aan. Totdat ineens mijn persoonlijke ontwikkeling de aandacht vraagt van de inhoud van de rugzak. Dan graaf ik en haal het richtpunt tevoorschijn, dat perfect past in dat moment van mijn leven. Het kan zomaar voorkomen dat de spanning in mijn leven geleidelijk toeneemt (crescendo) of afneemt (decrescendo). Dat ik een komma moet plaatsen, ergens op mijn levenspad, betekent niets meer of minder dat ik even adem moet halen. Als ik een Fermate-teken aanbreng, wil ik het moment of de noot van dat moment even iets langer vasthouden.

Afgelopen vrijdag was het zover. Ik zat in het theater en had een prachtige ervaring. Daar moest een Fermate aan gekoppeld worden. Zo zat ik direct achter de dirigent met zijn partituur. Hij leidde de muzikale ondersteuning van de Barokopera Dangerous Liaisons. Fluiten, cello’s, hobo’s en violen. Allemaal onderdeel van het muzikale samenspel, waardoor de acteurs op het podium hun verhalen al zingend konden vertellen. Ik was geraakt en geïnspireerd. Tevens dacht ik terug aan een cursus die ik jaren geleden aangeboden kreeg van Gerard Alof. Hij was degene die me leerde om de dirigent in mezelf weer te laten ontwaken.

En nu, na een cursus, een inspirerende film (De dirigent) en een opera, dirigeer ik er zelf weer op los. Het muziekstuk dat ik in het NU mag leiden, is verre van verdrietig. De noten, die bespeeld worden, verklanken enthousiasme, levenslust en groei. Tevens ben ik nog even niet toe aan een ander muziekstuk: het verdient verdieping en uitwerking, waarbij het accent wat mij betreft ligt bij uitdaging, avontuur en vriendschap.

Mijn huidige muziekboek zorgt voor nog meer groei en levenslust, waardoor het huidige Libretto (Italiaanse term voor muziekstuk) zonder meer in diepgaande verklankingen tot ontwikkeling kan komen.

 

De klim binnen een unieke blauwdruk

Wie binnen de juiste omgeving een plek krijgt, floreert en klimt zijn eigen weg omhoog.

Als moeder van drie pubers verbaas ik me nog geregeld over de diversiteit, die ik elke dag weer voorbij zie komen. Drie kinderen met veel overeenkomsten, mede door dezelfde genetische afwijking, maar evenzoveel unieke eigenschappen. Drie kinderen die ik datgene binnen de opvoeding heb kunnen bieden, waardoor ze hun identiteit leerden kennen en in staat zijn geworden dit ook uit te bouwen.

Toen de kinderen jong waren en we nog veel meer verweven waren in onduidelijkheden, vergeleek ik de oudste twee meiden geregeld met elkaar. Niet alleen het feit dat ze van hetzelfde geslacht zijn, speelde een rol, maar zeker ook hun leeftijdsverschil van slechts 17 maanden. Ik kwam er door de jaren heen achter, hoe verschillend ze echt waren en hoe belangrijk het was om ze binnen dezelfde opvoeding een plek te geven, waarin ze zichzelf zouden vinden. Voor de jongste, een jongen, bleek dit net wat makkelijker te zijn. Mede door het feit dat hij van een ander geslacht was.

Nu de meiden de puberleeftijd van 16 en 18 hebben bereikt en jongste alweer 14 is, herken ik steeds beter hoe waardevol die eigen plek is geweest en nog steeds is voor de identiteit van de kinderen. Ze floreren ieder op hun eigen manier, ongeacht op welk niveau ze zich ook ontwikkelen. Een gegeven waar ik binnen de opvoeding prat op ga. Waar ik dagelijks tijd voor uittrek om binnen mijn gezin de waarde van elke persoon apart te benadrukken. Zo wil ik ervoor zorgen dat de zwakste schakel niet het gevoel heeft minderwaardig te zijn.

Gelukkig heb ik door zelfinzichten ontdekt, dat er eigenlijk geen sprake is van een zwakste schakel. De vergelijkingen tussen kinderen zijn eerlijk waar niet te maken, zeker als je binnen de opvoeding uitgaat van de uniekheid van een kind. En wat is dan zwak? Elk kind in mijn gezin floreert – naar mijn mening – in de omgeving, waarin ouders, docenten en assistenten klaarstaan om in te spelen op de behoeftes, die het kind op dat moment heeft. Of dat nou op het praktijkonderwijs van jongste is, op vmbo van middelste of op mbo-niveau 1 van oudste. Maar dat ieder kind daar vervolgens wel op een andere manier mee omgaat, is dan weer gerelateerd aan het eigen karakter.

Dit laatste werd me duidelijk toen jongste me meenam naar de open dag op Adelante. Nog niet eerder was ik op een open dag van Adelante: de behoefte voor mij en voor de meiden was er niet eerder geweest. Jongste daarentegen kondigde al dagen van tevoren aan dat hij op de desbetreffende zaterdag echt wel naar de open dag wilde. Herkende ik hierin een behoefte? Ja, al werd het me dat pas echt duidelijk toen hij als een trotse pauw door de gangen recht op zijn doel afging. Zijn klas, zijn juf, zijn trainingen van groen, techniek en koken. Het passeerde allemaal de revue. Jongste sluisde me feilloos door het hele gebouw heen, langs muren vol creatieve uitingen en klaslokalen met bekende en voor mij onbekende docenten. Wat was het geweldig! Ik voelde zoveel trots, dat ik niets anders kon dan de waarde van deze omgeving op me laten inwerken. Dat de plek, waar jongste onderwijs volgt, belangrijk voor hem was, wist ik. Dat hij floreert, vrienden heeft en geniet van het type onderwijs, wist ik ook, maar dat deze dag voor mij zo bijzonder werd, had ik niet van tevoren kunnen bedenken.

De uren die ik vanuit een ander perspectief doorbracht op Adelante, zorgden voor een bewustwording waar ik blij van werd. De weerspiegeling van kracht, van geluk en van identiteit zag ik steeds weer voorbijkomen, waar jongste me ook naar toe trok. Tevreden kon ik constateren dat mijn opvoeding bij hem de juiste vruchten aan het afwerpen was.
Echter, ik zou Adelante te kort doen als ik deze ontwikkeling puur en alleen op mijn opvoeding zou betrekken. De omgeving, die ik bied, is uiteindelijk ook verweven met de omgeving, die de docenten van Adelante bieden. Samen met hun kijken en luisteren we naar onze kinderen om zo te kunnen aansluiten bij de volgende tree in de ontwikkeling. Hun behoefte thuis is anders dan de behoefte op school, maar het maakt wel dat kinderen één worden met datgene waar ze gelukkig van worden.

Als een trotse mama, met een uitgeputte zoon, verlaat ik na een paar uur het terrein van Adelante. Wat heeft jongste me weer prachtige inzichten gegeven, door me mee te nemen op dit nieuwe avontuur. Waar niet alleen zijn afdeling aan bod kwam, maar ook het Adelante college aan de overkant, waar het rijk van zijn jongere zus heerst. Om de plek te willen zien, waar zijn zus zo ontzettend gelukkig is.
Twee kinderen uit één gezin, met elk hun eigen karakter, behoeftes en passie. Die elk in een andere omgeving floreren en de trappen beklimmen van toekomstig geluk. De plek, die het best past bij hun eigen unieke blauwdruk.

 

 

 

 

Elke tweede maandag van de maand blog ik over de ontwikkelingen van mijn kinderen, waarvan de jongste twee onderwijs volgen op Adelante.

Kleur in mijn leven

Ik blader virtueel door mijn verleden. Dit ter voorbereiding op mijn 48e verjaardag. Talloze foto’s van een persoon, die steeds weer veranderde van stijl, maar altijd in staat is geweest het leven kleur te geven ondanks de vele drempels. Overduidelijk een verleden, maar zeer zeker ook een verhaal, waar ik met trots op terugkijk. De schetsen, kriebels en vlekken weerspiegelen slechts de onderdelen uit fases op een levenspad.

Het donkere weer van vandaag deert me niks. Mijn gezin kleurt de dagen rood, geel en groen en ook vandaag straalt voor mij de zon in het huis waar ik wakker word. Mijn verjaardag is sinds 2016 nooit meer zoals die ooit geweest is, maar mijn kinderen weten me precies te raken, waardoor de beladenheid ver op de achtergrond komt te staan. En daarmee omarm ik ook vandaag de meest leuke dag van het jaar!  Want mijn verjaardag heb ik al lang geleden gebombardeerd tot de meest waardevolle dag voor mezelf. Een dag waarop de storm in mijn hoofd even gaat liggen en ik mijn uren vul met de meest muzikale en levenslustige klanken, waardoor ik uiteindelijk heel dicht bij mezelf kom.

Verjaardagen. Voor mij is het ondenkbaar om eraan te ontsnappen. Ik vier die dag, hoe dan ook! En alhoewel ik mijn verjaardag dit jaar niet echt op 7 februari vier, zijn de uitnodigingen voor mijn vriendinnen de deur al uit. Niets heerlijker om mijn verjaardag te overgieten met mijn eigen uitbundige ideeën en daar is tijd voor nodig. En aangezien ik dit jaar jarig ben midden in een periode van carnavalsvoorbereidingen, verschuif ik mijn feestje met liefde naar een ander tijdstip. Zo heb ik nog iets moois in het vooruitzicht…
Dat mijn uitbundigheid niet altijd door iedereen enthousiast ontvangen word, is tegenwoordig niet meer mijn probleem. Alle andere dagen van het jaar wil ik me best inhouden, maar als het om mijn verjaardag gaat helaas niet. Tenslotte denk ik maar één dag per jaar aan het kind in mezelf en die vreugde neemt niemand mij af.

Dus ja. Ook dit jaar kleur ik mijn verjaardag goed in. Met appeltaart, Limburgse vlaai, hamburgers en patatas, ongeacht hoezeer ik ook moet afvallen. Want ach, wat te doen aan feestvierende hormonen en zwaartekrachten waar ik niet altijd invloed op heb. Vandaag zet ik mijn titel als vintage moeder even aan de kant en flaneer ik in mijn maat 42 bloemetjesjurk door de kamer. Dus ja. afvallen staat zeker op mijn eigen lijst van uitdagingen, maar vandaag even niet.

Vandaag staat in het teken van genieten en stilstaan bij de afgelopen maanden. Ze waren fantastisch! Juist de uitdagingen die ik aanging, zorgden voor energie en geluk. Ik word zo blij van nieuwe ontdekkingen, op welk niveau dan ook. Het geeft me adem en het gevoel dat het leven waard is om voor te vechten. Na mijn bezoek aan Auschwitz kostte het me even tijd om te aarden: blijkbaar moest ik alles voor mezelf op een rijtje te zetten. Gelukkig kreeg ik, naarmate de dag van mijn verjaardag dichterbij kwam, weer ruimte om een nieuwe lijst te mogen ontvangen. Dit keer overigens niet door mezelf opgesteld…

Ik zette mijn vriendinnen aan het werk. Ik gaf hun een uitnodiging voor mijn feestje, maar wel met een bijzondere opdracht. Een opdracht om aandacht te geven aan de vriendschap, zonder daarbij in de beurs te hoeven tasten. Om tijd vrij te maken, mij mee te nemen in een uitdaging, verweven met hun passie voor het leven. Het is een glans, die ik mezelf, maar ook hun zo graag gun.

Ik blader door mijn verleden en sta vandaag stil bij mijn heden. De 48 jaar die ik al mag doorbrengen op deze aardbol is niet altijd een feestje gebleken, maar ik heb – samen met mijn gezin, familie en vrienden- altijd de moed gehad de slingers weer op te durven hangen. Deze oude taart heeft nog steeds stevige toefjes slagroom! De woorden, gedichten, foto’s en kriebels, die ik vandaag de revue laat passeren, zijn een waardevol goed, waar ik met veel liefde en geluk op mag terugkijken. Morgen start ik mijn nieuwe levensjaar met een schone lei. Een lei, die weer gevuld mag gaan worden met woorden, citaten, beelden, ervaringen, maar vooral met heel veel kleur.

Auschwitz: vrijheden in onze gedachten

Voor vandaag, voor de Internationale Herdenkingsdag voor de Holocaust.

Op 27 januari 1945 werd Auschwitz bevrijd door het Russische Rode leger. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden in totaal anderhalf miljoen- voor het grootste deel Joden-naar Auschwitz gedeporteerd. Zo’n 1.1 miljoen werd direct bij aankomst doodgeschoten of vergast. Toen eind 1944 het Russische Rode leger steeds dichterbij kwam, ontstond er paniek, waardoor de nazi’s begonnen met het systematisch opheffen van Auschwitz. Documenten werden vernietigd, gaskamers opgeblazen en ruim 6000 gevangen liepen een dodenmars richting Duitsland. Bewijs moest zoveel mogelijk vernietigd worden. Auschwitz is sinds 1947 een symbool geworden voor de vernietigingskampen, waar zovelen het leven lieten.

Op 14 november 2018 bezocht ik Auschwitz. Het stond al geruime tijd op mijn lijst van levenservaringen. Maar waarom dan Auschwitz? Waarom juist naar die plek, waar zoveel haat en wreedheden samenkomen. Die vraag werd me dan ook geregeld gesteld. Elke keer weer verantwoordde ik me met veel genoegen. Het bracht me namelijk steeds een stapje dichter bij datgene, dat ik in Polen hoopte te ontdekken.

Het zand kraakt onder mijn voeten. Ik ben net met velen naast me onder de toegangspoort van Auschwitz gelopen. “Arbeit macht Frei”, staat er groot te lezen. Een van de propagandateksten, waarmee de moed in het kamp hoog werd gehouden. De buitenwereld mocht tenslotte van niks weten…Ik ril. Polen kent deze herfst een buitengewoon mooi seizoen, dus van de kou kan het niet zijn. Het zand, de stenen. Ze laten me wankelen. Het lopen is letterlijk zwaar, maar ik merk het niet. Ik loop op de grond, waar zoveel jaar geleden de mensheid liep, veelal op weg naar de massale vernietiging. De weg maakt me stil. De voetstappen echoën in de open buitenlucht en hoeveel mensen er ook met me meelopen, de stilte in het kamp is indrukwekkend.

Haat is voor mij een beladen begrip. Ik snap niks van Jodenhaat, net zomin als ik niet begrijp waarom we überhaupt de mens moeten haten om het anders zijn. Het feit dat ik moeder ben van drie kinderen met een syndroom, maakt me bang en trots tegelijk. Bang omdat de mensheid al eerder een visie op inferioriteit heeft moeten doorstaan, maar tevens trots en bewust van de vrijheid waarin we anno 2019 leven. Hierdoor kan ik alleen maar concluderen dat de plek, waar zoveel mensen door haat het leven lieten, een plek is die ik met eigen ogen moet aanschouwen.

Voor de poort van Auschwitz lijk ik te bevriezen. Ik word overdonderd door de enorme hoeveelheid bezoekers. Veel Palestijnen met vlaggen over hun schouders en een Keppel op hun hoofd. Eenmaal binnen word ik kalm. De drukte is er wel, maar ik heb er in eerste instantie geen last van. De aanblik van kamp 1, volledig intact, grijpt me bij mijn keel en ik kan er met mijn hart niet bij. Mijn hoofd ziet het en mijn geest weet het. Maar dan houdt het op. Ik loop langs de vitrines vol met brillen, afgeknipte vlechten, schoenen, koffers en andere persoonlijke spullen. Achtergelaten, gevonden. Documenten en foto’s. Door de laatste gevangenen als bewijsmateriaal vakkundig weggemoffeld. Barakken met zakken stro, waar mensen als sardientjes in een blik uitgeput over elkaar in slaap vielen, wachtend op de dood door de barre hygiënische omstandigheden. Hoge hekken met prikkeldraad en hoge voltages. Crematoria en een gaskamer. Stilte in mijn hart.

Wat is het onwerkelijk. Dat ik anno 2018 langs de rails loop, waar Joden hun afschuwelijke lot binnenreden. Dat ik kilometers loop over zangwegen, waar zo’n 75 jaar geleden moeders met kinderen, ouderen en inferieuren de weg naar de gaskamers liepen. Waar een SS-officier de macht had om zonder al te veel woorden over het lot van velen te beschikken. Afschuwelijke gedachten, die ik tijdens het bezoek aan kamp II, Birkenau met me meedraag. En ook al zie ik in dit tweede kamp veelal ruïnes, het is duidelijk dat Auschwitz-Birkenau een hel op aarde was. Uitgeput loop ik samen met mijn groep terug, vaak over uitgestrekte velden vol menselijk as.
Ik zie het allemaal, maar voel het niet. Ik stoor me aan de tijdsdruk, die elke bezoeker krijgt opgelegd. De verhalen die ik via de gids hoor, raken me diep, verwarren me en zetten me aan het denken. Maar mijn geest wil meer. Ik wil het voelen, begrijpen, een plek geven. Ik wil dan ook niets liever dan blijven staan en het tot me door laten dringen. Helaas moet ik in rap tempo meelopen, wil ik de gids blijven volgen en niet verstrikt raken in de andere groepen, die vlak achter ons lopen. Ik voel een mate van paniek. De verwarring van de haat, die hier radicaal opgelost werd, maakt me onrustig en verdrietig. Joden, Duitse homoseksuelen, politieke gevangenen, vrouwen, kinderen, intellectuelen, gehandicapten en criminelen. Zij behoorden tot het inferieure ras dat vernietigd moest worden. Waarom? Met een drukkende pijn op mijn borst verlaat ik Auschwitz. Ik stap – enigszins met tegenzin-in de bus, die me naar mijn hotel in Krakau brengt. Ik heb nog zoveel vragen. Er is nog zoveel dat ik niet begrijp.

Waarom? Ik krijg er zoals bij veel waaromvragen geen antwoord op. Auschwitz, het is mijn bestemming. Altijd al geweest en nu begin ik beetje bij beetje te begrijpen waarom. Heel zwart-wit behoort mijn gezin ook tot een inferieur ras. Ook ik had samen met mijn kinderen de weg moeten lopen richting gaskamers. Niet omdat we Joods zijn, maar wel omdat we niet perfect waren door onze medische achtergrond. Terwijl ik dit schrijf, zoek ik naar de juiste woorden. Het frustreert me dat het zo verschrikkelijk moeilijk is om mijn gevoel over te dragen. Ik kan het niet uitleggen, aangezien Auschwitz niet uit te leggen is. Het is met geen pen te beschrijven, hoe diep van binnen je uiteengerukt kan worden en in mijn geval niet alleen door het geheel aan informatie en documentatie.

Eenmaal thuis, sluit ik dankbaar mijn gezin in mijn armen. Hun vrijheid is anno 2019 een gouden gegeven. Ik kan alleen maar de bewustwording overdragen, dat we allemaal de keus hebben om in echte vrijheid te mogen leven. Want ook al zal de wereld in begrenzingen blijven regeren, ik weet uit de verhalen van Auschwitzoverlevenden dat de echte vrijheid in je eigen gedachten zit.

Hierdoor zijn we stuk voor stuk in staat zijn om elkaar de vrijheid te gunnen, die nodig is om de gebeurtenissen uit Auschwitz nooit en te nimmer meer te herhalen.

Rouwen? Het mag!

Wat is het een opluchting om te mogen rouwen. Om mijn gevoelens niet te hoeven wegduwen, maar bij me te openbaren als een onderdeel van mijzelf. Een meesterlijk gevoel van vrijheid en berusting overspoelt me. Ik heb me in maanden niet zo geweldig gevoeld!

In een eerdere blog sprak ik al over levend verlies. Over het feit dat ik rouw voelde, maar dat nergens echt kon bespreken. Dat het lastig is voor de mensen om mee heen, die toch vaak geen raad weten met deze gevoelens en mij het liefste willen oppeppen. Toch is het voor mij als persoon van wezenlijk belang om het rouwen te mogen voelen, te kunnen delen met dierbaren en er openlijk verdrietig om te mogen zijn. Zo leer ik om te gaan met het levende verlies en zal ik steeds minder last ervan hebben.

Door alles wat er afgelopen jaren gebeurde in mijn gezin, is het niet makkelijk om aan jezelf toe te komen. Zeker omdat de stabiliteit van de zorgomgeving niet altijd te garanderen is. Zo staan er al maanden allerlei veranderingen op stapel, waar ik behoorlijk veel last van heb. Het verstoort mijn ritme, waardoor momenten om aan mezelf te sleutelen steeds verdwijnen. Toch zorgen de veranderingen ook voor ruimte, waardoor ik zomaar ineens aan de tafel plaats kon nemen naast mijn vaste maatschappelijk werkster. Een steunpunt, waar ik mee kan sparren als het over de kinderen gaat, maar evenzoveel als het om mij als moeder en Sandarijn gaat. En dat voelt als een open deur, waardoor het sleutelen voor even wat makkelijk gaat.

Maar hoe graag ik ook open wil staan voor alle gevoelens, die bij me boven komen drijven, de uitdagingen in mijn gezin putten me geregeld uit. De zorg kent veel verschuivingen en door een strenger beleid, is de bureaucratische papierwinkel steevast een onderdeel, waar ik als moeder onze ziel en zaligheid in mag verwoorden. Geen leuk werkje, kan ik je garanderen en behoorlijk confronterend. Echter, de volgende aanpassing staat alweer te popelen om in ons gezin binnen te dringen, waardoor het voor mij lastig is echt stil te staan bij de gevoelens van rouw. Dus hoe graag ik het zelf ook wil, de wereld van de zorg kent een overdaad aan sprintmomenten. Elke dag opnieuw, in meer en mindere mate.

Hoe fijn is het dan om soms even op adem te komen bij een professional die haarfijn aanvoelt wat ik als moeder en als Sandarijn nodig heb. Die mij een spiegel voorhoudt als ik de antwoorden niet vind, die ik graag wil hebben op mijn vragen. Vragen die tijdens elk kruispunt in ons leven gelijk staan aan confrontaties, verwerkingen, rouw en nieuwe ingangswegen. Vragen die me leiden naar andere steunpunten, maar ook naar verliespunten, bij mijn gezin en bij mijzelf.

Want ook verlies bij mijzelf is aan de orde als ik het heb over rouw. Vanaf de geboorte van mijn kinderen hebben zowel Paul als ik pogingen ondernomen om ons gezin zo normaal mogelijk op te voeden. Echter, we hadden te maken met een heel regiment aan hulpverleners. Mensen die vanuit hun professie absoluut wilden meedenken, maar vaak niet konden samenwerken. Naast dit en alle wettelijke regelingen en de stugheid van de maatschappij (sorry) kregen we amper tijd om trots te mogen zijn op onze kinderen. Het verweven worden met de medische zoektocht zorgde voor een regelrecht kader van stempeltjes, voor de kinderen, maar ook voor ons.  Het syndroom was zo zeldzaam dat we al snel een gezin werden, waar de wetenschap van zou smullen. Daar stak ik dus vlug een stokje voor: tenslotte hebben mijn kinderen een syndroom, maar zijn ze het niet!

Het kwaad geschiedde gedurende de eerste jaren, waarin het hele proces van mogelijkheden en onmogelijkheden in kaart werd gebracht. Het zorgde voor veel verwarring. Er was zoveel onduidelijk, dat we wekelijks aanschoven bij een professional. Godzijdank is het tegenwoordig een stuk duidelijker. Door alle gesprekken raakte ik mijn identiteit als Sandarijn kwijt. De medische zoektocht kostte mij mijn baan en verbond me tot in het diepst van mijn ziel met het syndroom. Ik was moeder van drie zorgkinderen en zo werd ik vervolgens ook alleen maar gezien. Overigens is het zelfs anno 2019 moeilijk om niet te blijven hangen in de interesse alleen voor de kinderen. Zuchtend probeer ik de omgeving ook te overtuigen van mijn zijn. Ook hier is duidelijk sprake van rouw.

Na jaren onder een vergrootglas te hebben gelegen, kwam er rust in onze situatie. Relatieve rust, want de zorg is er nog steeds, al verschuiven de vragen en onduidelijkheden zich naar een meer volwassen gebied. Door de jaren ben ik gaan wennen aan elk nieuw gezicht, aan de vele nieuwe regelingen en de wegen vol zand, waar we maar moeizaam op vooruit kwamen. Dat we nog steeds te pas en te onpas het blik aan medische feiten en ontwikkelingen moeten opentrekken, zal horen bij de verstrenging van het bureaucratische beleid en bij het feit dat professionals nou eenmaal graag van baan veranderen. Daarnaast zijn onze kinderen geen jonge kinderen meer, maar stevig op weg naar volwassenheid.

De rust, die over me heen kwam, zorgde wel voor meer ruimte. Ruimte om op zoek te gaan naar mijzelf. Naar Sandarijn, die meer te bieden heeft dan alleen het moederschap. Die prat gaat op rouwverwerking, zelfcompassie en het verwerven van diepgang en inzichten om ook het leven van Sandarijn inhoud te geven. En hoe luchtig ik ook kan vertellen over onze hele situatie, het is vaak niet zo makkelijk als het lijkt. Zonder de stabiliteit van ons kaartenhuis, zou mijn leven een groot chaotisch tafereel zijn. Om alle touwtjes in handen te kunnen houden, heb ik behoorlijk wat spierkracht voor ontwikkeld.

Het gevoel dat er ergens diep van binnen rouw aanwezig is, werd me snel duidelijk. Echter, ik had blijkbaar iemand nodig die precies de vinger op de zere plek wist te benoemen. En dat gebeurde dus gister. Na zoveel jaar kon ik eindelijk de erkenning voelen, waar ik op zoek naar was. Rouwen, het mag er dus gewoon zijn.

Vol opluchting huppelde ik de hal uit naar mijn auto. De woorden uit het gesprek in mijn rugzak. Ze geven me weer nieuwe ruimte om een laatje in mezelf te mogen openen. Waar gevoelens van rouw en verdriet klaarliggen om te delen. Om mee te nemen op mijn levenspad en om te groeien naar een nieuwe dimensie. Rouwen. Hoera! Het mag.

 

 

18 kaarsjes op de taart

Oudste wordt morgen 18 jaar. Ik kan niet ontkennen dat ik trots ben op de mooie en enthousiaste jonge vrouw die ze door de jaren heen is geworden. En toch…

Het is nooit heel makkelijk geweest. Wat heeft ze door de jaren heen al veel uitdagingen onder ogen moeten en mogen zien en wat heeft ze -vooral afgelopen maanden op het Mbo- kilometers gemaakt. Ik ben met oprecht een moeder, die veel vertrouwen heeft (gekregen) in de kracht die oudste uitstraalt.  En toch…wederom is haar verjaardag zo’n moment waarop ik de confrontatie los moet laten, om me niet te verliezen in een bepaald gemis. Ondanks de enorme groei en inzet van mogelijkheden, is er bij mij op dit soort momenten sprake van levend verlies.

Levend verlies is misschien een te groot woord. En alhoewel er wel degelijk sprake is van “verlies”, rouwde ik in het begin vooral om alle gedachten, die ik in mezelf liet groeien. Om de vergelijkingen en vragen over zoveel onduidelijkheden. Oudste was overigens een heel onbezorgd en blij kind. Na een fikse worsteling met mijn eigen verdriet, wist ik de rouw uiteindelijk een plekje in mijn hart te geven. Samen met Paul leerden we te overleven in onze eigen wereld vol zorg. Tenslotte hadden we daar simpelweg veel mee te maken. De rouw heeft overigens niks met de liefde voor de kinderen te maken. Het gaat om zoveel meer: om een wereld waarin “anders” zijn nog altijd als iets engs of zelfs als zielig wordt bestempeld. Om het gevecht van bureaucratisch strijden en smeken op je knieën om kinderen met andere mogelijkheden ook als vol aan te zien. Om het steeds maar weer moeten uitleggen, waarom bewindvoering, begeleid wonen en een vakantie met begeleiding net iets beter aansluit bij de sociaal-emotionele ontwikkeling en niks te maken heeft met reguliere kalenderjaren. En hoe graag we dat ook voor onze kinderen zouden willen, voor nu zijn we heel tevreden met alle ontwikkelingen en aansluitingen die we voor onze ogen zien gebeuren.

Bij levend verlies neem je geen afscheid. Het verdriet raakt op de achtergrond. Zolang ik met Paul en de kinderen onze uitdagingen aan kunnen gaan en geen heftige confrontaties tegenkomen, ben ik een gelukkig mens. Echter, bepaalde gebeurtenissen komen terug en confronteren in alle hevigheid. En dat doet pijn. Ja, ik kan er niks mooiers van maken. Verwachtingen die we al jaren geleden los hebben moeten laten, zie ik op verjaardagen, speciale feestdagen en tijdens uitjes met onze vriendengroep uitvergroot terugkomen. Tenslotte is de entourage van de reguliere maatschappij net even wat minder scherp als de onze. Opvoeden kent ook hier scherpe randjes, maar op een ander snijniveau dan ik afgelopen jaren heb mee mogen maken.

En dan ontstaan er onherroepelijk wonden. Wonden, die geheeld dienen te worden. Op de eerste plaats zal ik dat zelf moeten doen, maar wat is het bevrijdend als familie of vrienden snappen waarom de confrontatie zo’n pijn doet. Echter, praten over de wond is en blijft lastig. Niet iedereen heeft dezelfde pijnervaring en bepaalde wonden zijn en blijven onbekend. Een lastig en vaak eenzaam proces. Mensen feliciteren je liever, dan de rouw te omarmen. Gewoontetrouw spreken ze al snel de sussende woorden “maar ze doen het toch zo goed” en “ze zijn toch heel gelukkig”, waarmee de kous af is of mijn wond geheeld. Was het maar zo simpel.

Ik kan tegenwoordig met een glimlach ontkennen dat we veel zorg hebben om oudste. Ze doet het fantastisch! Met haar 18 jaar is ze (op bepaald gebied) verder dan menigeen. Weet je hoeveel energie ons dat heeft gekost? Hoeveel wonden daarvoor geheeld zijn, hoeveel verwachtingen omgevormd zijn naar andere mogelijkheden?  Veel kan ik je vertellen. Zo veel dat zowel Paul en ik hebben moeten inleveren op onze gezondheid. Gelukkig heeft oudste een onmetelijke drang ontwikkeld om in de praktijk te leren. Om stappen te durven nemen, zodat ze bv. ook, net als anderen, ergens haar rijbewijs kan halen. Haar positieve en stralende karakter geeft me energie voor de toekomst. Maar wat had ik haar graag een makkelijker leven gegund. Een leven waarin voetproblemen, kaakoperaties en drempels niet zo groot zouden zijn. Waarin haar veelal vrolijke leven gevuld zou zijn met leeftijdsgenoten, die samen met haar het volwassenen leven onder de loep konden nemen. Waarin samen ontdekken, verliefd worden en op reis gaan een doodgewoon loslaten voor mij zou betekenen.

Morgen wordt oudste 18 jaar en als ik naar haar kijk,  is ze gelukkig en blij met zichzelf. Haar leven is niet te vergelijken met dat van anderen, onder geen enkele voorwaarde. En dat vind ik schitterend! Het is haar overtuiging, die mij bewust maakt van het feit dat ik haar rustig kan loslaten, ondanks een stukje bewindvoering.  Ik hoef me niet meer af te vragen wat wel en niet mogelijk is, want dat kan ze ondertussen zelf wel uitvogelen. Al heb ik nog steeds de taak de grenzen te bewaken.

Levend verlies is soms nog aanwezig in mijn hart.  Om deze wond te helen, moet ik proberen haar leven door haar ogen durven te aanschouwen en mijn eigen blik op de wereld los te laten. Zoals een wijze vrouw al tegen me zei: we kunnen ons leven toch niet bedenken, dus laten we daar geen energie in steken. Met veel liefde volg ik dit advies op.

Ik laat mijn hoofd los en geef mijn hart aan haar wereld. Een trotse moeder steekt morgen 18 kaarsjes aan!

Eindejaars- overwegingen


Het is 31 december 2018. Mijn laatste blog voor dit jaar.

Terwijl ik de woorden zorgvuldig kies, dringt er een oliebollengeur vanuit de keuken mijn neusgaten binnen. Een nostalgisch gevoel overvalt me:  Paul heeft namelijk de traditie om zelf oliebollen te bakken, net als mijn moeder deed. Heerlijk! Die warme smaak van versgebakken oliebollen smelt straks op mijn tong. Een delicatesse van het oudejaar! Dat mijn darmen daar niet echt blij van worden, neem ik op de koop toe. Nu is nu en ik geniet.

Wat was 2018 een bijzonder jaar. We surften mee op de golven van veel positieve energie. Paul rondde zijn immuuntherapie af en mocht overgaan in een ritme van driemaandelijkse controles. Best spannend, aangezien er binnen de wetenschappelijke wereld nog weinig bekend is van dit traject. Tot en met de laatste controle van afgelopen 20 december hebben we alleen maar flesjes mogen opentrekken op goede en stabiele uitslagen.
Maar hoe positief het verhaal van Paul ook is in 2018, de angst voor een eventuele verandering in zijn genetische kankerstructuur zit diep van binnen toch wel ergens. We spreken er niet meer dagelijks over en ook mijn gedachten hierover heb ik op gepaste afstand weten te plaatsen. We leken de meeste dagen 2018 zelfs op een normaal gezin en dat was heel aangenaam. We durfden weer wat meer vooruit te plannen, maar deden vooral veel op onze intuïtie.

2018 was voor mij ook een jaar vol uitdagingen. Ik bracht mijn boek uit vol gevoelens over de periode waarin zowel Paul als ik de diagnose kanker kregen. Een mooi moment, waar ik met veel verschillende emoties op heb mogen terugkijken. Velen om mij heen kochten het boek en lazen met tranen in de ogen de strijd die ik met mijzelf voerde. De reacties die ik kreeg waren hartverwarmend en zorgden voor een krachtig opbouwend zelfbeeld. De enkeling die een kritische noot parkeerde, maar de uitleg voor zichzelf hield, moet zelf maar in de spiegel kijken. Ik bande hem uit mijn systeem. Geen mensen om me heen, die me negatieve energie kosten. Een van de gevolgen van mijn boek was een presentatie op Zuyderland en een prachtig interview met onze longarts Michiel Gronenschild voor Parkstadactueel. Beiden hadden inhoudelijk een therapeutisch effect: kanker werd voor heel even eerder een voordeel dan een nadeel.

Er waren meer persoonlijke uitdagingen, die voortvloeiden uit de bucketlist die ik opstelde toen ik de diagnose kanker kreeg. Ik klom op een paard tijdens een van onze vaste weekendbezoekjes aan Zeeland en ik vond mezelf ongelooflijk stoer. Dat de rit nog niet helemaal soepel verliep en ik enorme spierpijnen moest incasseren, was een cadeautje: ik werd me overduidelijk bewust van het feit dat ik nog veel te veel de touwtjes in handen wilde hebben. In april werd ik één van de tien ambassadeurs van Parkstad Limburg Theaters. Mijn drang om te schrijven en mijn absolute liefde voor het theater voedde ik hiermee.  Het is een ervaring om nooit te vergeten: niet alleen stond mijn hoofd net als mijn mede ambassadeurs een maand lang langs de weg op grote billboards, ook mocht ik schrijven over de voorstellingen die ik bezocht. Gelukkig gaat dit avontuur ook in 2019 verder. In november zag ik Krakau met een excursie naar Auschwitz. Een plek die ik een plaats gaf in mijn ziel, om nooit te vergeten.

Helaas was het niet allemaal maar blijdschap en vreugde. Door alle positieve belevenissen door, vocht één van onze kinderen tegen Anna. Haar hoofd stroomde vol met gedachten. Ze liet haar normale eetpatroon los en ging steeds minder wegen. Haar gewicht is nu stabiel, maar haar strijd duurt voort en zal meegenomen worden naar 2019. We hebben een lange adem nodig, willen we Anna uit haar hoofd kunnen verbannen. Volledig leeggevloeid door alle energie die ik samen met Paul had gebruikt in deze uitdaging, kwam ik in december mijn oude angsten weer tegen. Het schrijven hielp dan ook niet meer om mijn gedachten en emoties te kaderen. Ik stroomde zonder pardon over de kaders heen en zakte op sommige dagen weer weg in het drijfzand, waar ik in mijn boek ook over sprak. De fybromyalgie vierde mede daardoor een feestje, waardoor mijn bezoekjes aan de fysio recenter werden. Ook voor 2019 heb ik maar weer een uitgebreide zorgpakket samengesteld. Ik stapte over van een ervaren rot in het vak met vastgeroeste behandelmethoden, naar een jonge therapeut met een verfrissende visie op pijnervaring en begrip. Na twee gesprekken met hem snapte ik dat ik mijn pijnen veel serieuzer mocht nemen dan mijn (vaak frisse) buitenkant liet zien.

De (kilo) meters die ik afgelopen jaar maakte, hebben me gebracht waar ik nu ben. Ze hebben me zelfbewust en krachtig gemaakt. Ik heb voelsprieten ontwikkeld, waardoor ik anders, intenser en kritischer op mezelf in combinatie met de omgeving ben. Dat zorgde niet alleen voor standvastigheid, maar ook voor verwarring. Ik werd boos en verdrietig: de nieuwe gevoelens verwarden me. Ik kwam in een splitstand te staan met mijn vaste overtuigingen versus mijn nieuwe ik. Opmerkingen van anderen raakten me dieper dan ooit en eigen mening stak ik niet meer onder stoelen of banken. Ik keek ze recht in het vizier en dat zorgde voor veel opschudding.  Het kostte me enorm veel energie, waardoor ik vaker de broodnodige rust opzocht. De sociale media ruilde ik langzaam aan in voor echte vriendschappen en interesses. De oppervlakkigheid stoorde me en ik ervaarde dat het podium van facebook steeds minder voor mij geschikt werd.

Ik had tijd nodig om mijn nieuwe ik te ontdekken. De tijd die ik eerder veelal in anderen stak, eigende ik nu mezelf toe. Ik ben erachter dat niets meer vanzelfsprekend is na dit jaar.

2018 werd dus een jaar van finetunen. Ik zorgde voor mezelf en dat had consequenties. Positieve en negatieve. Paul was trots op me door alles wat ik aanpakte, maar gaf me ook de boodschap niet zo streng voor mezelf te zijn. Hij vond dat ik mezelf tekort deed als ik een bui had, waarin ik afgaf op mezelf. Helaas ging ik met mijn ontwikkelde voelsprieten meerdere kanten op en één daarvan weerspiegelde mijn oude pijnen. Pijnen die veelal met het accepteren te maken had. Het accepteren van een leven, waar ik niet altijd raad mee weet.

En nu staat 2019 voor de deur en ik probeer met deze laatste blog voor mezelf de balans op te maken. De nieuwe doelen, die ik voor het nieuwe jaar zou willen formuleren zijn nog niet concreet: er knaagt op dit moment te veel aan mezelf. Gelukkig heb ik afgelopen jaar geleerd in het nu te leven en te vertrouwen op datgene wat op mijn pad komt. Dat het bedenken weinig zin heeft, heb ik geleerd van een wijze wijkgenoot en laat ik dus maar los.

Samen met Paul hef ik het glas en proost op een verrassende levenspad in 2019.