Een witregel in mijn agenda


Al zingend loop ik door het huis. De lucht die eerder nog grijs was, is dankzij een avond lekker zingen geklaard. De muzikale klanken, die ik gister in een repetitie door de aula van het Charlemagnecollege mocht laten galmen, stromen nog steeds ontspannen door mijn lijf. Wat is zingen toch therapeutisch. Steeds weer kan ik me verbazen over het effect dat zingen heeft op mijn lijf. Ik ben vaak als herboren. De stilte, deze ochtend in huis, zorgt voor een dusdanige resonantie, dat ik niets anders kan, dan genieten van mijn eigen klanken.

Ik voel de ontspanning in mijn lijf en durf toe te geven aan een simpel gelukmakend gevoel. Het zijn van die gewone kleine dingen: het ritmisch geluid van een wasmachine, de geur van fris beddengoed, de plantjes, die ondanks mijn niet-groene vingers toch hun draai hebben gevonden op de plek waar ze staan, het rommelen in huis, zonder echt ergens mee bezig te hoeven zijn, oude elementen vervangen voor nieuwe. En alhoewel ik niet iets heel spectaculairs doe, creëer ik in een ommedraai een inspirerende en nieuwe omgeving.

Hoe heerlijk is een uurtje vrije tijd in een week, waarin de dagen gevuld worden door een overvolle agenda. Een agenda waar ik de overdaad aan medische afspraken moet wegdenken, wil ik een witregel vinden voor mezelf. Gewoon een uurtje lummelen. Om op de bank neer te strijken en ongegeneerd een aflevering van GTST terug te kijken. Om de rondslingerende tijdschriften door te bladeren, om geïnspireerd te raken en wat rondzwevende woorden uit mijn hoofd te plukken. Gewoon een witregel om adem te happen en de tijd te kunnen nemen om eens diep in mezelf te duiken en me af te vragen waar ik nu werkelijk mee zit?


Tja, waar zit ik nu mee? Goeie vraag. Hoe vaak roep ik ongecontroleerd wat in het rond als antwoord op de vraag hoe het met me gaat. Ongecontroleerd omdat de woorden die dan boven komen drijven weliswaar ergens connectie hebben, maar die een totaal onsamenhangend geheel hebben. Die vaak helemaal niet datgene raken, waar ik naar op zoek ben. Want waar ben ik naar op zoek?
Is het de balans die ik als moeder in mezelf hoop te vinden? Is het mijn leven, waar ik inhoudelijk niet altijd even tevreden over ben? Zijn het de wachttijden, die de ontwikkeling van mijn kinderen belemmeren? Is het de verwerking van levend verlies of meer een stuk realiteit, waar ik door de bomen het bos niet meer in zie? Vragen, waar ik vaak niet één-twee-drie een antwoord op kan geven. Te complex, te gevarieerd en soms totaal niet te grijpen. En alhoewel alles bij elkaar zeker de veroorzaker is van een bepaalde gemoedstoestand, weiger ik gehoor te geven aan het gevoel van onmacht. Zo zit ik niet in elkaar. Ik ben een mens van mogelijkheden, vooral als het betrekking heeft op de ontwikkeling van mijn kinderen.

En daar zit ik dus mee. Dat vraagstuk frustreert me ten zeerste. Juist door de transitie van gemeente naar zorgaanbieder Jens, word ik alweer maanden meegezogen in een verhaal van onmogelijkheden, complexe puzzelstukken en wachttijden. En dat terwijl we al zo lang bezig zijn: casus gezin Hilkhuijsen is meerdermalen herkauwt. Maanden waarin we moeten roeien met de riemen die we hebben, maar door mentale uitputting domweg niet effectief weten te gebruiken. Van confrontaties met onmogelijke bureaucratische beslissingen, die totaal niet stroken met de visie die wij als ouders hebben. Want wie wil er nu stilstand bij hun kinderen, terwijl vooruitgang de beste methode is om balans en geluk te creëren.

Stilstand. Het is soms hard nodig. Zeker als ik mezelf de spiegel wil voorhouden, is een pas op de plaats nodig. Echter als het gaat om welwillende en enthousiaste jongvolwassenen, vind ik dat een ander verhaal. Als het om wachttijden gaat, zonder zicht op efficiënte hulp. Als het gaat om de afhankelijkheid, die onze kinderen op het gebied van zorg hebben. Dat ze zich pas kunnen ontwikkelen als de zorginstanties door hun regelgeving groen licht kunnen bieden. Dat er geen andere kapers op de kust mogen zijn, wil dat groene licht ook daadwerkelijk ingezet kunnen worden. En ook al weet ik dat ik totaal geen invloed heb op dit soort beslissingen, ik vind het wel triest dat je overgeleverd bent aan de macht, die deze instanties hebben, zonder dat ze echt een idee hebben van de gevolgen.

Mijn vrije uurtje is bijna om. Ik voel de onrust alweer langzaam in mijn lijf omhoog kruipen. Nauwlettend houd ik de klok in de gaten. Ik besluit mijn gevoel te volgen en rond mijn woordenspektakel af. Ik zet een kop thee voor mezelf en duik. voordat de storm aan afspraken begint, nog even in mijn muzikale stroom aan klanken in mijn lijf. Gewoon omdat niets heerlijker is om luid door de kamer te durven galmen.

Zingen is durven

Hoe wonderbaarlijk. Het zal zo’n 20 jaar geleden zijn dat ik een vurig verlangen had om mijn stem te ontwikkelen. Na lang aarzelen, ondergetekende is namelijk nooit een hele snelle vogel geweest, trok ik de stoute schoenen aan en gaf mezelf bloot aan een proefles zang. Het enige dat ik me daarvan kan herinneren, was de passionele stroom, die na het zingen door mijn lijf trok.

Ik was, denk ik, ver in de twintig en langzaamaan begon ik mijn leven in te vullen met dromen, die ik al van jongs af aan had. Zingen was daarin het absolute hoogtepunt. Nadat ik jaren meegezongen had in het schoolkoor, optredens vervulde in een georganiseerde show en de doucheruimte geregeld gebruikte als proefruimte, wilde ik niets liever dan me verder ontwikkelen om ooit- in een verre toekomst – op de planken te durven staan. Tja, want het willen was nooit een probleem, maar het durven des te meer. Tenslotte stel je jezelf wel bloot aan een kritische specialist.

Nu het leven me aardig begint in te halen, moet ik beamen dat het toentertijd slechts bij die ene proefles is gebleven. De durf om in mijn chaotische wereld echt voor mezelf en mijn dromen te kiezen, sneeuwde onder in een grote hoeveelheid aan smoezen en excuses. En eerlijk is eerlijk, ik ben er nog steeds een kei in. Wat is makkelijker om jezelf weg te cijferen, zodat je niet oog in oog hoeft te staan met jezelf. Dat ik in één ruimte zou staan met iemand, die me “beoordeelde” hielp in deze zeker niet mee.

Mijn redding bleek uiteindelijk mijn oudste dochter. Haar onbezonnenheid en grote spontaniteit straalt een durf uit, waar ik in mijn dromen nog niet mee in aanraking kom. Na een stroeve start in groep 1, ontwikkelde zij zich als een onbedwingbaar podiumbeest. En man, wat kan ik daar van genieten! Soms ben ik zelfs een beetje jaloers op hoe makkelijk zij in het leven staat, zonder enige vorm van gene of angst.

De laatste 4 jaar kwam zij via een vorm van dagbesteding in aanraking met Musical Unlimited. Ze deelde haar spontaniteit met een aantal vergevorderde leerlingen en groeide al snel uit tot een verleerd musicalster. Haar solopartijen werden o.a. begeleid door Gwen Moust, zangdocent aan Schunck te Heerlen. Het plan om haar zangles te laten nemen, was niets meer dan het invullen van mijn eigen droom. Alleen dan op gepaste afstand. Gelukkig wilde oudste dochter niets liever.

Vorig jaar maakten we voor haar dan ook de keus om zangles te nemen. Een gouden keus en niet alleen voor haar. Ik heb nog nooit zoveel ontwikkeling gezien binnen een korte periode. Het ontging me niet dat het zingen behoorlijk wat losmaakte bij mij. Vaak huilde ik tranen met tuiten als zij een uitvoering had, geraakt door alles wat haar stem teweegbracht. Echter, ergens diep van binnen huilde ik ook om mijn eigen gemis.

Het plezier dat oudste dochter steeds maar weer uitstraalde, haalde me langzaam maar zeker over de drempel, om die ene droom, ook voor mezelf te durven vervullen.
Beetje bij beetje, want ja die snelheid zit er zelfs na al die jaren nog niet in, durf ik weer te zingen, ook in het openbaar. Ik verruilde de badkamer voor de woonkamer en later zelfs voor een optreden in een verzorgingstehuis. De energie die toen loskwam, zorgde voor een boost waar ik weken op kon teren. Nu moest het er toch van komen…Helaas. Het heeft nog een dik jaar gekost om mezelf te overtuigen dat zangles onlosmakelijk veel fun zou kunnen opleveren.

Moederdag 2018. Schunck presenteerde een fantastische aanbieding, in de vorm van drie proeflessen muziek. Dankzij de overredingskracht van manlief, dochter en een blik vriendinnen, mocht ik mezelf drie proeflessen zang cadeau doen. Al schuifelend dwong ik mezelf nu eindelijk die felbegeerde stap te zetten. Het laatste duwtje ontving ik van oudste dochter: zij nam me mee en deelde de 30 minuten zangles van haar. Het leverde fantastische momenten op.

Zo mam en nu kun je het alleen, moet ze vervolgens gedacht hebben. Haar zangdocent werd ook mijn zangdocent. Lekker veilig.  Ja, als ik dan toch de stap moet zetten, dan liever in een omgeving, waar ik me enigszins vertrouwd voel. Zingen is blootgeven en alhoewel ik mijn plek al aardig veroverd heb in het wijkkoor, is het nemen van zangles toch net even een ander dingetje.

Maar goed. Na twee intensieve proeflessen, het zweet brak me aan alle kanten uit, nam ik buiten adem de dappere beslissing om voor de komende 10 weken mijn dromen gestalte te geven in de vorm van zangles. Ik hoop, diep in mijn hart,  dat ik net zoveel plezier mag gaan beleven aan het zingen als mijn oudste dochter doet en dat ik mijn durf om mag gaan zetten in de kracht en emotie van mijn stem.

Sinds mijn diagnose heb ik een bucketlist opgesteld, waar ik actief mee aan de slag ben. Zangles nemen was één van de felbegeerde punten.